Als je je eindmix maakt is het belangrijkste dat je weet waar je naartoe wilt werken.
Ga dus niet zomaar wat lopen draaien aan wat knoppen.
Maak eerst voor jezelf een 3D overzicht van alle geluiden c.q. instrumenten.
De diepte in de tekening geeft het volume aan. De hoogte het frequnetiegebied en horizontaal het panorama (plaats binnen het stereobeeld)
Ga nu de instrumenten allemaal een eigen plekje geven. Dit kan dus door onderscheidt te maken in volumes, frequentiegebied of plaats in het stereobeeld. combinaties van deze drie zijn natuurlijk ook mogelijk.
Nu weet je precies waar je naartoe moet werken.
Een grote fout die vaak gemaakt wordt is dat je denkt dat alles met afmixen wel goed komt.
Dat is dus niet zo!
Door goed te arrangeren maak je het jezelf een stuk makkelijker met afmixen.
Als namelijk 2 geluiden botsen met elkaar, kun je je arrangement namelijk ook zo maken dat deze geluiden nooit tezamen klinken. En een ander geluid gebruiken uit je synth of ander sampletje is ook een optie natuurlijk.
Probeer ook eens het transponeren van de botsende geluiden t.o.v. elkaar
transponeer het ene geluid gewoon 1 octaaf omhoog of omlaag.
Als je geluiden gaat filteren ga dan zoveel mogelijk frequenties onderdrukken en niet versterken.
Laat de botsende geluiden tesamen klinken. Zoek nu de botsende frequenties door met een parametrische EQ met een hoge Q en een gain van ongeveer -10 (negatief dus!) door de volledige frequentieband te sweepen. Als je de botsende frequentie heb gevonden stel je de gain bij naar jouw smaak. (maar wel negatief natuurlijk, de frequentie moet onderdrukt worden)
Het boosten van frequenties doe je alleen als een geluid niet genoeg karakter heeft. Vermijdt dit zoveel mogelijk!!
het boosten van de frequenties altijd met een hoge Q tenzij je gewoon maffe geluiden wilt maken zoals de uitgesproken Hardhouse kicks.
De Q (ook Q-factor genoemd) geeft de bandbreedte aan van het frequentie gebied dat je gaat versterken of verzwakken. Een hoge Q geeft een kleine bandbreedte aan (dus een klein frequentiegebied rondom de ingestelde frequentie wordt ook beinvloed) en een lage Q geeft een grote bandbreedte aan. (dus een groot frequentiegebied rondom de ingestelde frequentie wordt ook beinvloed)
Hipass en Lowpassfilters zet ik standaard op elk geluid. Om zo hiss te verwijderen uit de geluiden in het lagere frequentiegebied en rumble te verwijderen uit geluiden in het hogere frequntiegebied.
Als je het Stereobeeld gaat aanpassen van het geluid ga dan niet direct alle stereogeluiden uiterst links en recht pannen.
Denk hierbij weer aan de tekening die je gemaakt hebt. Kick mix je mono af, niet stereo. Dit geld voor veel percussie geluiden. De Bass kan eventueel wel stereo maar liever niet. Probeer het geluid de verbeelden naar een muzikant met instrument. Een bassgitaar is bijvoorbeeld altijd mono.
Als je naar de percussie kijkt denk dan aan een drummer. Het drumstel staat om hem heen en dus moet je ook niet elk percussiegeluid helemaal in het midden afmixen. Wel mono, maar wel iets links of rechts vanuit het midden gepositioneerd.
Effecten komen altijd als laatste
Je kunt er nog behoorlijk wat mee uitvoeren.
Wil je bijvoorbeeld bepaalde geluiden laten samensmelten, dan stop je op elk van die geluiden een beetje galm (wel dezelfde natuurlijk) welke flink ge-damped is (galm moet donker klinken)
Ga niet direct teveel galm over de geluiden gooien. Het gaat erom dat het hoorbaar is, maar niet overheersbaar. De galm moet niet overheersen, maar als je het weghaald moet je het wel merken.
Als je geluiden juist eruit wilt laten springen gebruik je juist een heldere galm.
Dit zijn natuurlijk wat basisregels waar je je niet altijd aan hoeft te houden. Maar als je net begint met afmixen, hou je hier dan gewoon aan. Als je al gevorderd bent dan kun je hier naar eigen smaak wel van afwijken.
En nu allemaal keihard aan de mix
