@Yoozer
Zou jij mij misschien kunnen uitleggen, waarom een (analoge)viool, vleugel, of een gitaar rijker klinkt, dan mn (vst) digitaal opgewekte viool, vleugel, of gitaar.
Kijk, nou komen we tenminste ergens

. Een viool of gitaar is niet echt een fatsoenlijk vergelijkingspunt met een synthesizer; een vleugel weer wel.
Bij een gitaar en viool raak je direct datgene aan wat het geluid maakt. Omdat je vinger nooit op dezelfde plaats zit en dezelfde druk uitoefent krijg je elke keer een heel subtiel verschillend geluid.
Die mate van controle is bij een synthesizer gereduceerd tot de toets indrukken, waarbij de latere modellen aanslagggevoeligheid en aftertouch meekregen en overige controle zoals touchpads, modulatiewielen en pitchbenders vaak al aanwezig was. Je komt gewoon domweg handen tekort om terwijl je de toets indrukt tegelijkertijd te doen wat je bij een gitaar gewoon kan doen door de snaar net even weg te drukken of de snaar slechts met de vingertop aan te raken zodat je
harmonischen krijgt, en daarom klinkt het allemaal niet echt, met als mogelijke uitzondering wellicht het werk van Jan Hammer, die er een beetje een sport van maakte dingetjes als (lead)gitaar te laten klinken.
Voeg daar ook nog eens aan toe dat elke snaar natuurlijk niet perfect gestemd is, waar er bij een plugin vaak een lookup-table wordt gebruikt voor de frequenties. Je kunt bij een plugin als Massive lekker aanvinken dat de polyfonie op 16 stemmen moet staan, maar ze allemaal apart net even detunen is weer niet mogelijk.
Bij een vleugel is het in die zin een beetje makkelijker en wordt het wat wiskundiger. Je hebt een piano. Die beweegt niet als je er op speelt (tenminste, niet zodanig als rondlopen op stage). Je hebt een stel snaren waar je niks anders mee doet als er hamertjes tegenaan rammen. Wat meespeelt is het stereobeeld (waar waaiert het geluid uit), reflectie (in hoeverre staat de klep open, welke vorm heeft de piano) en sympathetische resonantie (wat doen de rest van de snaren en het klankbord als je een toets indrukt).
Een gesamplede piano slaat het deel van de sympathetische resonantie over; tenzij je het hebt over bepaalde stage-pianos waar dit wel min of meer in zit. Een piano volgens physical modeling heeft dit er wel in, maar kan detail missen; dit hoor je bij Pianoteq bijvoorbeeld, en ik kan niet op geluidskwaliteit beoordelen hoe dat bij de nieuwe Roland V-piano zit. Echter, het modelleren op deze manier is wel de toekomst, omdat het factoren meeneemt die samples niet meepikken.
Als je software hebt die dit soort zaken niet in acht neemt (of je hebt die wel maar houdt er zelf geen rekening mee) heb je kans (maar hoeft het niet) dat het niet "rijk" klinkt. Wat je beschouwt als "warm" en "vet" (gruwelijk subjectieve begrippen overigens, wat deze thread ook laat zien) zijn een paar factoren die vaak overgeslagen worden.
Ik was ooit in de vooronderstelling dat ik alles digitaal kon doen, dus een hele track kon bouwen op digitaal/vst. Maar op 1 of andere manier kwam t nooit goed uit de verf.
Hier komt een ander (absoluut geldig, overigens) argument om de hoek kijken: nee, als je de hele dag achter de computer zit (of juist niet) kan het er 's avonds nog eens achter zitten niet echt inspirerend werken. Groot gelijk. Bij het geweldige overzicht dat een sequencer je geeft - nooit meer raden hoe je muziek eruitziet - wordt tegelijkertijd het element van de verassing voor een groot deel weggenomen; je hebt het risico dat je gaat componeren op basis van hoe de blokjes eruit zien in plaats van hoe het klinkt.
Hoewel er niet heel erg veel sequencing-apparatuur is die je echt compleet met de ogen dicht kan bedienen; het blijft vaak mogelijk om direct te reageren en er gewoon naar te grijpen, en dat heb je met een controller en een muis niet. Bij de eerste omdat alle knoppen evenver van elkaar afstaan (spatiering tussen de knoppen maakt direct duidelijk wat waar bij hoort, wat intuitiever is) en bij de tweede omdat die niet ergens stopt als je uit je scherm weg bent. Je kunt voelen waar het apparaat ophoudt, maar niet waar je scherm stopt.
Blijft overigens een feit dat er nog heel veel dingen mogelijk zijn met het concept van een interface tekenen op het scherm; het stomme is dat men aan die mooi getekende 3d-knopjes vasthoudt terwijl dit in 9 van de 10 gevallen volstrekt onzinnig is. Een muis werkt anders dan je vingers, en het wordt eigenlijk hoog tijd dat men dat doorkrijgt, want dan wordt het werken met software ook stukken prettiger.
Ja, het is mogelijk. Nee, het kan dat het niet bij je past, en da's een prima reden om er niet voor te kiezen. Het verschil (als je er alleen naar luistert) is echter kleiner dan vaak gedacht wordt.
Zie anders ook
