niets nieuws...
niets nieuws...
Daar is ie dan.....de anti-trance thread....
Het moest een keer gebeuren en een forum is bij uitstek dé plek om je ongenoegen aan de wereld kenbaar te maken.
Laat ik mijn mening er ook maar aan toevoegen, daar ook ik doodziek wordt van die oppervlakkige rotzooi die men in platenzaken aan mij tevergeefs probeert te slijten.
Ik ben house muziek leuk gaan vinden toen ik 14 á 15 jaar oud was. House was mooi, omdat je met synthesizers en electronica uit de dwangbuis van de gevestigde orde kon breken. Met synthesizers zijn geluiden op te wekken die je met geen enkel traditioneel muziekinstrument kunt produceren. De bekende popmuziek uit die tijd werd altijd met dezelfde instrumenten gemaakt. Een drummer, een paar gitaristen, achtergrondkoortje, piano erbij, dan nog een zanger die een paar coupletten en een refein in de microfoon blêrt en zie daar: een echte band.
Ik wil hier niet afgeven op mensen die in staat zijn een traditioneel muziekinstrument te bespelen. Als je heel erg goed gitaar kunt spelen, heb je daarme een bepaald talent en dat dient gerespecteerd te worden.
Ik wil echter wel stellen dat je met electronica geluiden kunt opwekken waar men in de traditionele sfeer nooit bij in de buurt kan komen. In house muziek is niet alleen de melodie en de timing belangrijk, maar ook het klankbeeld en de veranderingen daarin. House breekt dan ook met traditionele muziek: Het is niet opgebouwd op de klassieke manier met klassieke instrumenten, het heeft niet de uitgekookte structuur van refrein en couplet, maar zit veel gelaagder en qua structuur veel netter in elkaar. In de disco worden houseplaten niet door een vetkuif met vlotte babbel aan elkaar geluld, maar met preciesie, passie en concentratrie aan elkaar gemixed. Verder doorbreken producers zo'n beetje elke wet die in de geluidstechniek bekend is. Knippen, plakken, bewust oversturen, herhalen, de compressor mishandelen, doelbewust valse tonen inbrengen, spelen met wat het menselijk gehoor als melodisch correct en incorrect opvat, schijt hebben aan copyright, ruis gebruiken als onderdeel van je klank terwijl de traditionelen juist alles deden om ruis te vermijden, enz, enz. Je kunt het zo gek niet bedenken of het kan met electronica.
De Italiaanse componist Giorgio Morroder merkte reeds in de jaren '70 terecht op dat het met de komst van de synthesizer eindelijk mogelijk is elk denkbare klank ook daadwerkelijk ten gehore te brengen. Dat er in het wereldje van het conservatorium wordt afgegeven op house muziek, vind ik dan ook verregaand onterecht. Er wordt op de Nederlandse conservatoria 0,0 aandacht besteed aan de technische en electronische kant van geluid. Mensen die daar geschoold zijn weten dan ook niet wat ze afkraken en dat getuigt niet van een academische visie. De academicus staat immers neutraal tegenover het onbekende.
De eerste house muziek die ik op mijn gare 2e hands cassettedeck afspeelde, was simpelweg house. Het hele onderscheid tussen trance, techno, gabber, ambient, r&b, club, mellow, jungle en weet ik wat al niet meer bestond in die tijd gewoon niet. House was zo nieuw en zo anders dat al die subculturen zich nog niet ontwikkeld hadden. De waardeloze geluidskwaliteit van mijn van vrienden gekopieerde bandjes, nam de freak in mij uiteraard op de koop toe.
Sinds housemuziek over de hele wereld is doorgedrongen kon het natuurlijk niet uitblijven dat ook de commercie zich ermee ging bemoeien. House muziek verscheen langzaam maar zeker op cd, met de Turn up the Bass serie als bekend voorbeeld.
Ik meen nu een patroon te herkennen in de opkomst en ondergang van trance muziek dat ik reeds eerder heb gezien: namelijk bij gabberhouse.
Bij mijn weten is gabberhouse een typisch Nederlands product dat ontstond, omdat de Rotterdamse DJ Rob in discotheek Parkzicht experimenteerde met extreem snelle trance achtige muziek. Diverse houseplaten van het eerste uur zijn dan ook uitgekomen op de platenlabels "Zwaar OK" records en "Noculan", beide van DJ Rob. Gabber en hardcore werden populair. In de energiehal in Rotterdam werden hardcore feesten georganiseerd á la Nightmare in Rotterdam. Dj's als Buzz Fuzz, Dano en Eric de Kooning beukten er vrolijk op los.
Uit Italië kwam Ramirez, in België had je Yves de Ruijter in Club X en in de VS ontstond het label Industrial Strength. In het Rotterdamse Slinge (discotheek pompei) timmerde het Forze DJ team met dj's als Panic, Chaoss, Lars en Paul Elstak ook aan de weg. Paul Elstak was degene die het harde en eentonige van gabberhouse combineerde met lekker in het gehoor liggende piano deuntjes en zie daar: Happy hardcore was geboren en dat was ook meteen het begin van het einde.
Happy hardcore werd zo populair dat sociologen zelfs van een hele jongerencultuur spraken. In zekere zin kan men dat ook wel stellen. De gabber was herkenbaar aan zijn kaalgeschoren kop, Nike air schoenen en het bomberjack dat bij voorkeur over 3 onbetaalbare Australian traningspakken werd aangetrokken.
Met de echte gabberhouse van het eerste uur ging het echter slecht. Gabberhouse is in technisch opzicht eenvoudiger te maken, dan de ingewikkelde melodieën en geluidseffecten die je in veel trance en techno platen uit die tijd tegenkwam. Onder invloed van de commercie die het maar wat leuk vond dat de massa aan de lopende band naar feesten ging, trainingspakken kocht en stapels cd's afnam, werd de ene shitproductie over de andere op een verzamel cd gemikt en slecht gemastered afgeleverd aan een oppervlakkige typisch westerse instant satisfaction massa. De oppervlakkigheid van de massa werd bevestigd toen het nummer "gabbertje" nog een hit werd ook.
Feit is simpelweg dat een groot gedeelte van de muziekluisterende jeugd helemaal niet bewust met muziek bezig is. Ze luisteren simpelweg naar wat ze op dat moment goed vinden en wandelen als een stel makke schapen achter de trensdsetters aan. Als Kriss Kross zo achterlijk is hun kleding verkeerd om aan te trekken, gaat ineens iedereen er in lopen. Als de gabber met uitstraling een traingspak aantrekt, moet iedereen het hebben en als je vriendje met een mobiele zakdildo rondloopt, moet ineens iedereen met zo'n ding aan de haal. De massa is oppervlakkig en hobbelt van de ene hype naar de andere. Adolf Hitler heeft letterlijk eens gezegd: "De massa is blind en dom". Voor het goede begrip: ik ben geen neonazi of fascist. Wat Hitler heeft aangericht is vreselijk en wat mij betreft niet voor herhaling vatbaar, maar op dit specifieke punt had de man gewoon gelijk: de massa is inderdaad blind en dom!
De commerciële uitbuiting van gabberhouse kon echter niet blijven voortduren. Of een consument nu bewust of onbewust met muziek bezig is, wanneer een muziekvorm zich niet ontwikkelt en eindeloos hetzelfde brengt, raakt de massa er vroeg of laat op uitgekeken. Zo ook op gabberhouse. Het commerciële imperium stortte in. Feesten werden minder massaal bezocht, Dj's gingen hun platen uit andere schappen dan de "gabberbak" halen en platenlabels en feestorganisaties gingen failliet of verplaatsten hun activiteiten naar andere onderdelen van de markt. Tekenend is wat dat betreft het Amsterdamse platenlabel Mokum records dat op het hoogtepunt 13 dochterlabels in gabberhouse had zitten. Na de ineenstorting bleven er daar nog 3 van over. Tekenend is eveneens de voorpagina van Update magazine, dat in die periode een bewerkte foto van een groen en geel uitgeslagen gabber afdrukte met daar overheen de tekst "gabber is dood". Tekenend is ook de onzin die gabbers zelf schreven, bijvoorbeeld in het bekende blad Strobe. Daarin stond (bij de ingezonden brieven) te lezen dat enkele gabbers "extreem harde en snelle gabberhouse" wilden gaan produceren. Volgens eigen zeggen: "minstens 500 bpm". De heren waren klaarblijkelijk nog te lomp om in te zien dat je het op dat tempo niet over een beat, maar over een bastoon hebt, waarop je alleen nog kunt dansen als de xtc of voor xtc doorgaande amfetamine derivaten het laatste stukje zelfbewustzijn uit je toch al veel te lege hersenpan hebben wegvergiftigd.
De commerciële uitzuigerij stortte in, de heren platenmaatschappijen gingen failliet (Mecado(od)) of waren vanaf dat moment hun financiële melkkoe kwijt en gingen dus koortsachtig op zoek naar de volgende hype. Die volgende hype moest nog ontstaan, omdat de massa die al die jaren trouw achter Paul Elstak was aangesukkeld zélf, door impuls en oppervlakkige emoties gestuurd, ook op zoek was naar iets anders.
Dat treft! De Nederlandse DJ Tiësto was in die tijd al een poosje bezig met het produceren van platen en het mixen van cd's. Tiësto was niet bepaald bekend, werkte gewoon als Thijs in de Rotterdamse platenzaak Basic Beat en had niet zijn eigen vaste draaiavond zoals de DJ's Cellie en Carlijn dat in de Amsterdamse discotheek Mazzo wel hadden. (Zaterdag avond in Mazzo: SLAM: Sex Love And Motion).
Tiësto brak echter door, eerst op de Rotterdamse radio waar hij een mix heeft neergezet in het programma Planet E. en later tijdens het Innercity feest in de Amsterdamse Rai. Tiësto, had, toen hij bekend werd, al een groot aantal cd's gemixed, waaronder enkele cd's uit de serie Forbidden Paradise. Die cd's waren redelijk en konden wat mij betreft niet tippen aan de Mazzo mixup serie waarop Cellie en Carlijn er met licht dreigende en wat minimaal overkomende techno en trance vrolijk op los beukten. Beide dj's werden finaal overklast toen in dezelfde tijd John Digweed en Sasha even les gaven in subtiel mixen op de cd's van Global
Undergound.
Tiësto werd hot en hoewel hij respect verdient voor wat hij vóór zijn bekendheid neerzette, werden zijn producties ronduit slecht. Tiësto is niet bepaald stom en weet dondersgoed hoe je een paar zaagtanden moet detunen in een Alesis Andromeda om daarmee wat simpele akkoordjes te spelen en er met een compressor een stevige baslijn onder te mikken.
Toen Tiësto in staat bleek met zijn "sound" volle hallen te trekken, kregen de commerciële wolven hun nieuwe speeltje in handen: trance. De commercie ontdekte de opvolger van hun gabbermelkkoe, nadat ze zich in de tussenliggende periode had moeten bedruipen met slappe aftreksels van de Venga Boys.
Trance producers vlogen als paddestoelen uit de grond en inmiddels is Trance een uitgkookt concept aan het worden dat al in alle geuren en kleuren is beschreven: Neem een zaagtandgolf. Laat een Virus TI dat ding 80x detuned afspelen en dou er wat reverb en chorus achter. Stamp er het eerste het beste ritme met resonerende hi hats onder dat je uit je Machinedrum kunt persen en, als je de contacten hebt, laat een of andere truttebal wat geouwehoer over eternal love in een microfoon kakelen. Zingt ze vals? Geen probleem, kom maar op met die Pitch corrector! Oh..en in de bijbehorende clip is dat wijf toch niet te zien, daar zie alleen "lekkere" wijven bij wie je kunt liplezen in de breedste zin van het woord.
Wat er momenteel met trance gebeurt, is reeds eerder gebeurd met hardcore. De stuurloze opplervlakkige massa die toen achter Paul Elstak aanliep, loopt nu achter DJ Tiësto aan en zal dat blijven doen, totdat ze er bewust of onbewust op zijn uitgekeken en wegtrekken naar de volgende muziekale ramp. Armin van Buuren en Ferry Corsten staan al in de rij.... De commercie zal op dezelfde manier weer op zoek gaan naar het volgende slachtoffer, totdat ook dat is uitgezogen en de die hards, de taaie, blijvende, trouwe échte liefhebbers weer gewoon krijgen wat ze willen hebben: moeilijk te vinden kwaliteitsmuziek die werd gemaakt door producers die sfeer, toewijding, tijd en gevoel in hun muziek stoppen en derhalve terecht muzikant zijn.
Trance? Vreest niet: de orkaan Commerca zal weldra overdrijven en binnenkort gaan huishouden in een ander segment van de muziekwereld. De huizen van de liefhebbers die trance écht goed vonden en vinden zullen na de storm nog overeind staan en blijven staan, net zoals echte hardcore muziek ook nog steeds te krijgen is en de échte gabbers nog steeds terecht kunnen op kleinschalige, goede feesten.
Een laatste opmerking betreft nog de rol van de commercie op muziek. Commercie zorgt in veel gevallen voor verloedering, oppervlakkigheid en vervuiling van de markt. Echter, commercie is ook nodig. Als er helemaal geen commercie zou zijn, zou men platen niet kunnen verspsreiden en zou de talentvolle muzikant veroordeeld zijn tot het luisteren naar zijn eigen producties in zijn eigen anonieme zolderkamertje. Commercie heb je op kleine schaal nodig om muziek te verspreiden en muzikanten in leven te houden. Die haat liefde verhouding tussen commercie en kwaliteit zal blijven, het is alleen jammer dat het op grotere schaal zo veel kapot maakt....
C.U. around..
Merlijn de tovenaar.
niets nieuws...
Daar is ie dan.....de anti-trance thread....
Het moest een keer gebeuren en een forum is bij uitstek dé plek om je ongenoegen aan de wereld kenbaar te maken.
Laat ik mijn mening er ook maar aan toevoegen, daar ook ik doodziek wordt van die oppervlakkige rotzooi die men in platenzaken aan mij tevergeefs probeert te slijten.
Ik ben house muziek leuk gaan vinden toen ik 14 á 15 jaar oud was. House was mooi, omdat je met synthesizers en electronica uit de dwangbuis van de gevestigde orde kon breken. Met synthesizers zijn geluiden op te wekken die je met geen enkel traditioneel muziekinstrument kunt produceren. De bekende popmuziek uit die tijd werd altijd met dezelfde instrumenten gemaakt. Een drummer, een paar gitaristen, achtergrondkoortje, piano erbij, dan nog een zanger die een paar coupletten en een refein in de microfoon blêrt en zie daar: een echte band.
Ik wil hier niet afgeven op mensen die in staat zijn een traditioneel muziekinstrument te bespelen. Als je heel erg goed gitaar kunt spelen, heb je daarme een bepaald talent en dat dient gerespecteerd te worden.
Ik wil echter wel stellen dat je met electronica geluiden kunt opwekken waar men in de traditionele sfeer nooit bij in de buurt kan komen. In house muziek is niet alleen de melodie en de timing belangrijk, maar ook het klankbeeld en de veranderingen daarin. House breekt dan ook met traditionele muziek: Het is niet opgebouwd op de klassieke manier met klassieke instrumenten, het heeft niet de uitgekookte structuur van refrein en couplet, maar zit veel gelaagder en qua structuur veel netter in elkaar. In de disco worden houseplaten niet door een vetkuif met vlotte babbel aan elkaar geluld, maar met preciesie, passie en concentratrie aan elkaar gemixed. Verder doorbreken producers zo'n beetje elke wet die in de geluidstechniek bekend is. Knippen, plakken, bewust oversturen, herhalen, de compressor mishandelen, doelbewust valse tonen inbrengen, spelen met wat het menselijk gehoor als melodisch correct en incorrect opvat, schijt hebben aan copyright, ruis gebruiken als onderdeel van je klank terwijl de traditionelen juist alles deden om ruis te vermijden, enz, enz. Je kunt het zo gek niet bedenken of het kan met electronica.
De Italiaanse componist Giorgio Morroder merkte reeds in de jaren '70 terecht op dat het met de komst van de synthesizer eindelijk mogelijk is elk denkbare klank ook daadwerkelijk ten gehore te brengen. Dat er in het wereldje van het conservatorium wordt afgegeven op house muziek, vind ik dan ook verregaand onterecht. Er wordt op de Nederlandse conservatoria 0,0 aandacht besteed aan de technische en electronische kant van geluid. Mensen die daar geschoold zijn weten dan ook niet wat ze afkraken en dat getuigt niet van een academische visie. De academicus staat immers neutraal tegenover het onbekende.
De eerste house muziek die ik op mijn gare 2e hands cassettedeck afspeelde, was simpelweg house. Het hele onderscheid tussen trance, techno, gabber, ambient, r&b, club, mellow, jungle en weet ik wat al niet meer bestond in die tijd gewoon niet. House was zo nieuw en zo anders dat al die subculturen zich nog niet ontwikkeld hadden. De waardeloze geluidskwaliteit van mijn van vrienden gekopieerde bandjes, nam de freak in mij uiteraard op de koop toe.
Sinds housemuziek over de hele wereld is doorgedrongen kon het natuurlijk niet uitblijven dat ook de commercie zich ermee ging bemoeien. House muziek verscheen langzaam maar zeker op cd, met de Turn up the Bass serie als bekend voorbeeld.
Ik meen nu een patroon te herkennen in de opkomst en ondergang van trance muziek dat ik reeds eerder heb gezien: namelijk bij gabberhouse.
Bij mijn weten is gabberhouse een typisch Nederlands product dat ontstond, omdat de Rotterdamse DJ Rob in discotheek Parkzicht experimenteerde met extreem snelle trance achtige muziek. Diverse houseplaten van het eerste uur zijn dan ook uitgekomen op de platenlabels "Zwaar OK" records en "Noculan", beide van DJ Rob. Gabber en hardcore werden populair. In de energiehal in Rotterdam werden hardcore feesten georganiseerd á la Nightmare in Rotterdam. Dj's als Buzz Fuzz, Dano en Eric de Kooning beukten er vrolijk op los.
Uit Italië kwam Ramirez, in België had je Yves de Ruijter in Club X en in de VS ontstond het label Industrial Strength. In het Rotterdamse Slinge (discotheek pompei) timmerde het Forze DJ team met dj's als Panic, Chaoss, Lars en Paul Elstak ook aan de weg. Paul Elstak was degene die het harde en eentonige van gabberhouse combineerde met lekker in het gehoor liggende piano deuntjes en zie daar: Happy hardcore was geboren en dat was ook meteen het begin van het einde.
Happy hardcore werd zo populair dat sociologen zelfs van een hele jongerencultuur spraken. In zekere zin kan men dat ook wel stellen. De gabber was herkenbaar aan zijn kaalgeschoren kop, Nike air schoenen en het bomberjack dat bij voorkeur over 3 onbetaalbare Australian traningspakken werd aangetrokken.
Met de echte gabberhouse van het eerste uur ging het echter slecht. Gabberhouse is in technisch opzicht eenvoudiger te maken, dan de ingewikkelde melodieën en geluidseffecten die je in veel trance en techno platen uit die tijd tegenkwam. Onder invloed van de commercie die het maar wat leuk vond dat de massa aan de lopende band naar feesten ging, trainingspakken kocht en stapels cd's afnam, werd de ene shitproductie over de andere op een verzamel cd gemikt en slecht gemastered afgeleverd aan een oppervlakkige typisch westerse instant satisfaction massa. De oppervlakkigheid van de massa werd bevestigd toen het nummer "gabbertje" nog een hit werd ook.
Feit is simpelweg dat een groot gedeelte van de muziekluisterende jeugd helemaal niet bewust met muziek bezig is. Ze luisteren simpelweg naar wat ze op dat moment goed vinden en wandelen als een stel makke schapen achter de trensdsetters aan. Als Kriss Kross zo achterlijk is hun kleding verkeerd om aan te trekken, gaat ineens iedereen er in lopen. Als de gabber met uitstraling een traingspak aantrekt, moet iedereen het hebben en als je vriendje met een mobiele zakdildo rondloopt, moet ineens iedereen met zo'n ding aan de haal. De massa is oppervlakkig en hobbelt van de ene hype naar de andere. Adolf Hitler heeft letterlijk eens gezegd: "De massa is blind en dom". Voor het goede begrip: ik ben geen neonazi of fascist. Wat Hitler heeft aangericht is vreselijk en wat mij betreft niet voor herhaling vatbaar, maar op dit specifieke punt had de man gewoon gelijk: de massa is inderdaad blind en dom!
De commerciële uitbuiting van gabberhouse kon echter niet blijven voortduren. Of een consument nu bewust of onbewust met muziek bezig is, wanneer een muziekvorm zich niet ontwikkelt en eindeloos hetzelfde brengt, raakt de massa er vroeg of laat op uitgekeken. Zo ook op gabberhouse. Het commerciële imperium stortte in. Feesten werden minder massaal bezocht, Dj's gingen hun platen uit andere schappen dan de "gabberbak" halen en platenlabels en feestorganisaties gingen failliet of verplaatsten hun activiteiten naar andere onderdelen van de markt. Tekenend is wat dat betreft het Amsterdamse platenlabel Mokum records dat op het hoogtepunt 13 dochterlabels in gabberhouse had zitten. Na de ineenstorting bleven er daar nog 3 van over. Tekenend is eveneens de voorpagina van Update magazine, dat in die periode een bewerkte foto van een groen en geel uitgeslagen gabber afdrukte met daar overheen de tekst "gabber is dood". Tekenend is ook de onzin die gabbers zelf schreven, bijvoorbeeld in het bekende blad Strobe. Daarin stond (bij de ingezonden brieven) te lezen dat enkele gabbers "extreem harde en snelle gabberhouse" wilden gaan produceren. Volgens eigen zeggen: "minstens 500 bpm". De heren waren klaarblijkelijk nog te lomp om in te zien dat je het op dat tempo niet over een beat, maar over een bastoon hebt, waarop je alleen nog kunt dansen als de xtc of voor xtc doorgaande amfetamine derivaten het laatste stukje zelfbewustzijn uit je toch al veel te lege hersenpan hebben wegvergiftigd.
De commerciële uitzuigerij stortte in, de heren platenmaatschappijen gingen failliet (Mecado(od)) of waren vanaf dat moment hun financiële melkkoe kwijt en gingen dus koortsachtig op zoek naar de volgende hype. Die volgende hype moest nog ontstaan, omdat de massa die al die jaren trouw achter Paul Elstak was aangesukkeld zélf, door impuls en oppervlakkige emoties gestuurd, ook op zoek was naar iets anders.
Dat treft! De Nederlandse DJ Tiësto was in die tijd al een poosje bezig met het produceren van platen en het mixen van cd's. Tiësto was niet bepaald bekend, werkte gewoon als Thijs in de Rotterdamse platenzaak Basic Beat en had niet zijn eigen vaste draaiavond zoals de DJ's Cellie en Carlijn dat in de Amsterdamse discotheek Mazzo wel hadden. (Zaterdag avond in Mazzo: SLAM: Sex Love And Motion).
Tiësto brak echter door, eerst op de Rotterdamse radio waar hij een mix heeft neergezet in het programma Planet E. en later tijdens het Innercity feest in de Amsterdamse Rai. Tiësto, had, toen hij bekend werd, al een groot aantal cd's gemixed, waaronder enkele cd's uit de serie Forbidden Paradise. Die cd's waren redelijk en konden wat mij betreft niet tippen aan de Mazzo mixup serie waarop Cellie en Carlijn er met licht dreigende en wat minimaal overkomende techno en trance vrolijk op los beukten. Beide dj's werden finaal overklast toen in dezelfde tijd John Digweed en Sasha even les gaven in subtiel mixen op de cd's van Global
Undergound.
Tiësto werd hot en hoewel hij respect verdient voor wat hij vóór zijn bekendheid neerzette, werden zijn producties ronduit slecht. Tiësto is niet bepaald stom en weet dondersgoed hoe je een paar zaagtanden moet detunen in een Alesis Andromeda om daarmee wat simpele akkoordjes te spelen en er met een compressor een stevige baslijn onder te mikken.
Toen Tiësto in staat bleek met zijn "sound" volle hallen te trekken, kregen de commerciële wolven hun nieuwe speeltje in handen: trance. De commercie ontdekte de opvolger van hun gabbermelkkoe, nadat ze zich in de tussenliggende periode had moeten bedruipen met slappe aftreksels van de Venga Boys.
Trance producers vlogen als paddestoelen uit de grond en inmiddels is Trance een uitgkookt concept aan het worden dat al in alle geuren en kleuren is beschreven: Neem een zaagtandgolf. Laat een Virus TI dat ding 80x detuned afspelen en dou er wat reverb en chorus achter. Stamp er het eerste het beste ritme met resonerende hi hats onder dat je uit je Machinedrum kunt persen en, als je de contacten hebt, laat een of andere truttebal wat geouwehoer over eternal love in een microfoon kakelen. Zingt ze vals? Geen probleem, kom maar op met die Pitch corrector! Oh..en in de bijbehorende clip is dat wijf toch niet te zien, daar zie alleen "lekkere" wijven bij wie je kunt liplezen in de breedste zin van het woord.
Wat er momenteel met trance gebeurt, is reeds eerder gebeurd met hardcore. De stuurloze opplervlakkige massa die toen achter Paul Elstak aanliep, loopt nu achter DJ Tiësto aan en zal dat blijven doen, totdat ze er bewust of onbewust op zijn uitgekeken en wegtrekken naar de volgende muziekale ramp. Armin van Buuren en Ferry Corsten staan al in de rij.... De commercie zal op dezelfde manier weer op zoek gaan naar het volgende slachtoffer, totdat ook dat is uitgezogen en de die hards, de taaie, blijvende, trouwe échte liefhebbers weer gewoon krijgen wat ze willen hebben: moeilijk te vinden kwaliteitsmuziek die werd gemaakt door producers die sfeer, toewijding, tijd en gevoel in hun muziek stoppen en derhalve terecht muzikant zijn.
Trance? Vreest niet: de orkaan Commerca zal weldra overdrijven en binnenkort gaan huishouden in een ander segment van de muziekwereld. De huizen van de liefhebbers die trance écht goed vonden en vinden zullen na de storm nog overeind staan en blijven staan, net zoals echte hardcore muziek ook nog steeds te krijgen is en de échte gabbers nog steeds terecht kunnen op kleinschalige, goede feesten.
Een laatste opmerking betreft nog de rol van de commercie op muziek. Commercie zorgt in veel gevallen voor verloedering, oppervlakkigheid en vervuiling van de markt. Echter, commercie is ook nodig. Als er helemaal geen commercie zou zijn, zou men platen niet kunnen verspsreiden en zou de talentvolle muzikant veroordeeld zijn tot het luisteren naar zijn eigen producties in zijn eigen anonieme zolderkamertje. Commercie heb je op kleine schaal nodig om muziek te verspreiden en muzikanten in leven te houden. Die haat liefde verhouding tussen commercie en kwaliteit zal blijven, het is alleen jammer dat het op grotere schaal zo veel kapot maakt....
C.U. around..
Merlijn de tovenaar.




