In veel gevallen kan je de stelregel hanteren; als er een wet/dry regeling in de plugin of het apparaat zit, dan is het geschikt om te dienen als insert. Je kan dan zelf kiezen hoeveel van het oorspronkelijke signaal wordt gemengd met het effectsignaal.
Effecten zonder deze regeling zijn 100% 'wet' (puur effectsignaal) en beter geschikt om als send/return (of aux) te gebruiken.
Grote uitzondering; effecten die niets 'toevoegen' aan je signaal, zoals galm dat bijv. doet, maar het oorspronkelijke signaal juist 'vervangen', denk hierbij aan compressie / limiting, maar ook aan filters en soms distortion.
Deze worden vaak gebruikt als insert, dus 100% wet.
Om het verwarrend te maken... ook daar is natuurlijk weer een uitzondering op; de zgn. paralelle compressie (LA style) waarbij het oorspronkelijke signaal wel degelijk wordt gemixed met het gecompressde signaal.
Wat je nooit zult doen; een effect met wet/dry gebruiken als send/return, en dan het effect instellen op iets anders dan 100% wet. Dat zou vrij pointless zijn.
Andersom, kan je er natuurlijk voor kiezen om een effect zoals een reverb te gebruiken als insert, en dan de wet/dry verhouding naar smaak te kiezen. Echter, het is efficienter om een reverb op een aparte bus te zetten en daar meerdere kanalen dan naartoe te laten send/returnen.
Vroeger omdat je natuurlijk moest woekeren met je effectapparaten, tegenwoordig meer vanuit oogpunt van CPU belasting.
Maar ook; meerdere kanalen door dezelfde effectbus sturen zorgt voor een mix die beter en natuurlijker 'blend', je gebruikt als het ware 1 soundstage.