Shure sm 58 of Beta 57

last van het proximity effect

Hee, ik ben altijd in de veronderstelling geweest dat dit expres zo gemaakt wordt om overspraak etc. binnen de perken te houden, en dus als positieve eigenschap van een vocaalmicrofoon te zien, en niet als negatieve..

Maar goed, zo leer je elke dag weer wat.

Ander verschil tussen de beta- en de gewone 58 is ook de richtkarakteristiek trouwens. (supernier vs. nier) niet geheel onbelangrijk bij livegebruik, om ff terug te komen op topic.
 
met het proximity effect wordt voorzover ik weet bedoeld:
het extra benadrukken van lage tonen (minder neutraal klinken) wanneer de microfoon dichtbij tot zeer dichtbij gebruikt wordt. Dit kun je gemakkelijk testen met je eigen micje. Dit wordt veroorzaakt doordat een dynamische microfoon uit twee magneten bestaat één vaste en één zwevende. De zwevende wordt in trilling gebracht door het zingen/ herrie maken in de mic. Het potentiaalverschil wat ontstaat (stroompje) tussen de twee magneten wordt gebruikt om het geluid over te brengen. De tijd die de magneet nodig heeft om weer tot stilstand te komen bepaalt in hoeverre die last heeft van het proximity effect. Hoe langer nodig/ hoe meer proximity.

Dat van de nier en supernierkarakteristiek is niet onbelangrijk, maar wist ik weer niet :geslaagd:. Kwestie van geen ervaring met de beta's zullen we maar zeggen.
 
Back
Top