Klassieke inspiratiebron, waar ook ik soms uit put, en waaraan ook een esthetische opvatting over muziek ten grondslag ligt, is de combinatie van twee tegenpolen:
(1) een toevalsgenerator.
(2) een algoritme (set van regels);
ad (1) De toevalsgenerator (bijv. een dobbelsteen) levert een element van onvoorspelbaarheid.
ad (2) Het algoritme bestaat uit een set van regels die je oplegt aan de compositie. Daardoor onstaat een soms fascinerende onontkoombaarheid in een compositie, die de psychologische werking van een natuurwetmatigheid heeft, bijv. de zwaartekracht: zoals je het "logisch" en onontkoombaar vindt dat een opgegooide bal weer naar beneden komt, zo vind je het logisch, onontkoombaar, plausibel dat een ritme, een melodie of een klankstructuur zich op een of andere manier gedraagt en ontwikkelt, als die voldoet aan een bepaalde set regels. Ook kun je de set van regels beschouwen als een organisch, "levend" systeem dat een bepaald gedrag vertoont.
De combinatie van die twee leidt tot "beteugelde" randomprocessen. Klassiek voorbeeld: het Musikalisches Würfelspiel van Mozart. Het "definiëren" van een compositie door middel van een set van regels gaat terug tot in de Middeleeuwen, bijv. canontechnieken (Guillaume de Machault: "Ma fin est mon commencement").
In de electronische muziek strekken beiden zich ook uit tot de klankopwekking. Daar vind je ook een opmerkelijke relatie tussen beiden, nl. die van witte ruis en filter. Een ruisgenerator levert onafhankelijke random getallen (of een continu random proces): witte ruis. Die kun je "inkleuren" d.m.v. een filter. Wat het filter in feite doet is een regel opleggen aan de opeenvolgende, onafhankelijke random-worpen van de (discrete) ruisgenerator, waardoor een vaste relatie tussen die opeenvolgende worpen tot stand komt. Die vaste relatie geeft een wetmatigheid die je waarneemt als een klankkleur, bijv. roze of bruine ruis of bandruis ("huilende wind"). Vandaar ook dat een filter in de statistische signaalverwerking wordt aangeduid als een "correlator"; het filter "regelt" het randomproces door relaties aan te brengen.
Ook sommige effectprocessen, zoals chorus, leggen "regels" op aan het inputsignaal, regels die door (meestal laagfrequente) randomgeneratoren worden aangestuurd.
Zo bezien is een muzikale compositie, zowel op het niveau van de noten als op dat van de klanken, een levend organisme dat een karakteristiek soortgedrag vertoont, maar tegelijkertijd, als individu, ook onvoorspelbaar is.
Iets meer over een muzikale informatiestroom als beteugeld randomproces:
https://www.synthforum.nl/forums/showpost.php?p=1650889&postcount=89.
Het doet misschien een beetje vreemd aan om een compositie-opvatting door te trekken naar de klanksynthese. Maar de tegenstelling tussen "de noten en de klanken", die in de akoestische muziektraditie onvermijdelijk is, wordt in de electronische muziek volledig opgeheven. Dat de woorden "componist" en "synthesizer" precies hetzelfde betekenen, illustreert dat wel aardig.