Twaalftoonsmuziek??

Over tegendraads gesproken, bestaat er ook al muziek die opzettelijk alle schijn van de aanwezigheid van een maat of ritme probeert te vermijden?
ik heb zelf een nummer gemaakt dat het niet zozeer probeert te vermijden als meer dat het volledig random gegenereerd werdt maar door fx weer aan elkaar gelijmt wordt

de nts2 stuurde op verschillende intervals noise naar de pocket scion, de pocket scion genereerd vervolgens willekeurige noten uit een gekozen toonladder.
de pocket scion sensor reageerd in princiepe op grote stappen een pulse van een squarewave is dus bv 1 stap, maar doordat ik noise als input gebruikte was de hoeveelheid stappen en snelheid daartussen dus constant anders waardoor je soms 1 langere noot kreeg en soms een burst van 2-6 noten

de intervals op de nts stuurde ik wel zelf aan maar niet perse volgens enige logica, bij 5 seconde was het iets drukker en met 8 seconde kreeg ik meer een rust waar de reverb meer werk deed
verder bespeelde ik vooral 2 filters en een bitcrusher maar verder ook zonder op een melody te letten, meer als de golven van de zee ze gaan allemaal de zelfde kant op maar geen enkele is het zelfde

 
Laatst gewijzigd:
Ik heb me er nooit in verdiept maar na wat geneus op het internet begrijp ik dat het betekent dat je volgens een vaste reeks van 12 tonen speelt.
Vraag me af wat het mooie of leuke er aan is als je zo vast in een stramien zit, ik begrijp niet waarom mensen dat zouden doen.
Mensen willen een gevoel uitdrukken en dat lukt toch niet met die harde afspraken, het komt op mij een beetje over als muziek maken maar dan wel volgens een rekenkundige reeks, dat lijkt meer op wiskunde dan op muziek.
Door de eeuwen heen hebben veel mensen steeds vaste stramienen gevolgd bij het componeren.
In de barok werden veel dansvormen gebruikt zoals het menuet, de giguen en de sarabande.
Tijdens de klassieke periode was de sonatevorm leidend. Een symfonie is een sonate voor orkest.
Tijdens de romantiek werden de vormen steeds losser.
Mogelijk is de atonale muziek daar een reactie op. Waarbij weer werd gezocht naar strakke stramienen.
Blues is ook zo'n bekend stramien. Zo ook veel jazz standards.
 
Ik hou vooral van romantische, laat romantische en vroeg moderne klassieke muziek.
Het kan neigen naar atonaal, een harmonisch schemergebied, exotische toonladders e.d., lekker organisch, niet teveel strikte regeltjes, ik vind het allemaal prima.... mits niet extreem dissonant de hele tijd. Zoals de latere werken van Scriabin, waar ik groot fan van ben.
Kan best veel waarderen dus, maar bij die strikte 12 toons muziek haak ik ook af.
En al helemaal bij Sprechgesang (bepaalde zangtechniek tussen zingen en spreken in). Ook zoiets waar Schoenberg zich mee bezig hield. Dat vind ik pas echt onuitstaanbaar.
(Zijn vroege werk Verklärte Nacht vind ik wel mooi maar dat is meer laat romantische muziek.)
 
Dit stuk is in mijn beleving een mooi voorbeeld van moderne klassieke muziek (1971) die - in m'n eigen woorden - bij vlagen behoorlijk avontuurlijk, far out en dissonant klinkt, maar uiteindelijk ook genoeg houvast en herkenbaarheid biedt. Het heeft bepaalde aspecten van romantische en impressionistische pianomuziek, maar gaat een stap verder.... klinkt heel vrij en organisch.

12-toons muziek was een soort noodzakelijk experiment, in de ontdekkingsreis van de muziek, door dingen in het extreme te trekken (zie ook Stockhausen, John Cage, etc. met al hun geneuzel).
Zo van, ja leuk, dat moest ook een keer gebeuren, eenmalig interessant wellicht, maar verder een doodlopend spoor.

Op deze manier kan het ook!

 
Gurre-Lieder is ook zo'n groots laat romantisch werk van Schönberg.
Het is dus zeker niet zo dat hij uit gebrek aan kunde of gevoel bij die twaalftoonsmuziek uit kwam. Ik denk dat het een kwestie is van heel lang obsessief met compositie bezig zijn en alles wel zo'n beetje doorgronden wat er al gedaan is waardoor hij op een gegeven moment de uitdaging gaat zoeken in zo'n zelfgekozen dogma van toonreeksen om het voor hemzelf interessant te houden en nieuwe wegen te bewandelen.
Maar wat @Bahamut zegt, een beetje een doodlopend spoor wellicht. Ik hou zelf ook meer van de muziek uit de periodes er net voor en na.
 
Dit stuk is in mijn beleving een mooi voorbeeld van moderne klassieke muziek (1971) die - in m'n eigen woorden - bij vlagen behoorlijk avontuurlijk, far out en dissonant klinkt, maar uiteindelijk ook genoeg houvast en herkenbaarheid biedt. Het heeft bepaalde aspecten van romantische en impressionistische pianomuziek, maar gaat een stap verder.... klinkt heel vrij en organisch.

12-toons muziek was een soort noodzakelijk experiment, in de ontdekkingsreis van de muziek, door dingen in het extreme te trekken (zie ook Stockhausen, John Cage, etc. met al hun geneuzel).
Zo van, ja leuk, dat moest ook een keer gebeuren, eenmalig interessant wellicht, maar verder een doodlopend spoor.

Op deze manier kan het ook!


Dat voorbeeld is best te pruimen!
 
Back
Top